Lage rugpijn komt veel voor en kan plotseling of geleidelijk ontstaan. Vaak spelen meerdere factoren mee, zoals een verandering in belasting, minder bewegen, stress, slaap, herstel en langer in dezelfde houding zitten. Meestal is niet één beschadigde structuur de volledige verklaring.
Lage rugpijn kan zeurend of stekend zijn en soms uitstralen naar bil of been. Bij toenemend krachtsverlies, gevoelloosheid rond het zitvlak of problemen met plassen of ontlasting is directe medische beoordeling nodig.
We screenen eerst op signalen die verder onderzoek vragen. Daarna brengen we beweging, belasting, dagelijkse activiteiten en herstelbelemmerende factoren in kaart en maken we samen een plan gericht op zelfmanagement, belastbaarheid en vertrouwen in bewegen.
Bij de meeste aspecifieke lage rugklachten helpt het om binnen haalbare grenzen actief te blijven. Uitleg en passende oefentherapie kunnen pijn en beperkingen verminderen. Er is geen beste oefenvorm voor iedereen; de aanpak sluit aan op doelen, voorkeuren en mogelijkheden.